Deelmobiliteit bestaat in veel vormen. Steeds meer gemeenten hebben het aanbod van de grote marktpartijen op orde, en kijken daarnaast naar de waarde van opkomende bewonersinitiatieven in deelmobiliteit. Omdat bij bewonersinitiatieven, bijna als bij regel, heel andere bepalingen en drijfveren een rol spelen, vragen beleidsmakers zich af hoe zij deze initiatieven (beter) kunnen ondersteunen. Samen met een betrokken projectgroep van gemeenten uit heel Nederland zijn we aan de slag gegaan om deze kwestie te beantwoorden.
De eerste stap (2024) van de werkgroep was om een praktijkverkenning te doen waarin we de succesfactoren en ervaren belemmeringen van bewonersinitiatieven deelmobiliteit hebben onderzocht. In de uitkomst van de verkenning werd een reeks concrete aanbevelingen gedaan aan gemeenten gedaan die initiatieven wensen te ondersteunen.
Mijn rol in dit project was met name om mijn expertise op gebied van transitie en bewonersinitiatieven deelmobiliteit in te brengen en om de opbrengsten van de onderzoeksactiviteiten van het team vorm te geven.
Deelmobiliteit, wonen of energie als commons?
Zoek je expertise bij jouw praktijkonderzoek op deze gebieden?
Ik breng graag mijn kennis en praktijkervaringen in op actie-onderzoek, om bij te dragen aan verbreding en verdieping van kennis, inzichten en systeeminnovaties. Ik kan ook verkennende onderzoeken en stakeholderverkenningen voor je doen, zoals in dit voorbeeld van het nationaal samenwerkingsprogramma Natuurlijk!Deelmobiliteit.
Tijdens het verkenningsproces werd onder meer duidelijk dat de veelvormigheid van deelmobiliteit primair leidt tot een vertroebeld beeld. Het blijkt te complex om stricte scheidslijnen te trekken tussen de verschillende initiatieven van deelmobiliteit, en dat bemoeilijkt vervolgens de duiding van bewonersinitiatieven en het vinden van principiële gronden voor beleid. Om dit te overkomen heb ik, op basis van patronen die in de verkenning zichtbaar werden, een model van (7) archetypen geïntroduceerd dat zinnige onderscheiden in de verschijningsvormen van deelmobiliteit aanbrengt. De indeling is gemaakt op basis van de manier waarop autodelen tot stand komt in 3 generale categoriën: Full-service autodelen, Bewonersorganisatie of (het ‘pure’) Peer-to-peer autodelen.
Het 7-archetypen model stelt in staat om het gesprek scherper te kunnen voeren over de verschillende verschijningsvormen van autodeelmobiliteit; de bepalingen van initiatieven, hun drijfveren en impact. Aansluitend kan dit model helpen de archetypische vorm van autodelen te herkennen wanneer bewonersinitiatieven zich tot een gemeente wenden, en initiatieven met passende ondersteuning te kunnen beantwoorden; regelingen, vergunningsbeleid, voorwaarden, de informatiebehoefte van initiatieven, etc. Gemeenten helpen om, gebaseerd op de impact van initiatieven, gediversificeerd beleid te ontwikkelen waarin zij alle autodeelvormen die zij passend vinden in de mobiliteitstransitie in hun stad of dorp, een functionele plaats kunnen geven.